|
Geschreven door Ruth Deddens-Berentschot en Gerdien Rots
|
|
Ik ben de oudste uit een gezin met vier kinderen. Mijn moeder was een gevoelsmens en muzikaal. Mijn vader kwam uit een tuindersgezin en had een sterke historische belangstelling. Door het werk van mijn vader verhuisden wij veel en woonden we ook enkele jaren in Suriname. Later werkte hij bij een adviesbureau op het terrein van ontwikkelingssamenwerking. We hadden discussies over thema’s als het milieu, de verhouding arm-rijk, de slavernij en de betrokkenheid van gereformeerden daarin. Ik voelde me als kind en puber vaak anders dan anderen. Over mijn jeugd hangt daardoor een waas van isolement. Deels lag dat aan mijzelf: ik was een intellectueel vroegrijp jongetje dat al jong allerlei theologische en filosofische boeken las. Op de middelbare school hield ik bijvoorbeeld een spreekbeurt over Christus en Cultuur van K. Schilder. Aan de andere kant lag het ook aan het vele verhuizen, zeker zes keer voor mijn 18e.
|